Leegloop bij arbeidsongeschiktheidsverzekeraars ten einde

De uittocht van werkgevers bij private arbeidsongeschiktheidsverzekeraars lijkt ten einde. Per 1 januari 2016 stapten zo’n 2.300 werkgevers over naar het UWV – een halvering ten opzichte van het jaar ervoor. Het strategisch rondshoppen naar de laagste verzekeringspremies lijkt daarmee zijn beste tijd te hebben gehad. Dat blijkt uit onderzoek van Mercer onder 63 kleinere en 84 grote werkgevers.

Verschillen tussen premies
De afgelopen jaren waren er grote verschillen tussen de verzekeringspremies die verzekeraars en het UWV in rekening brachten om WGA-uitkeringen van langdurig zieke (ex-)werknemers te financieren. Doordat verzekeraars en het UWV de premies op verschillende manieren berekenden, ontstonden er hoogteverschillen die strategisch shopgedrag in de hand werkten.

Premie ontduiken
Werkgevers hadden, door over te stappen naar de laagste premies, zo’n 400 miljoen euro aan premies kunnen ontduiken. Maar de uitkeringen en re-integratie van zieke werknemers kost gewoon geld, en dat moet linksom of rechtsom toch betaald worden. Ramon van Bruchem, senior consultant bij Mercer: “Minister Asscher heeft voor dat shopgedrag een stokje gestoken door werkgevers te verplichten om minimaal drie jaar bij het UWV te blijven, als ze daar dit jaar naar zijn overgestapt. Ook als de premies tussentijds verhoogd worden. Daardoor wordt voor hen de vraag niet ‘waar betaal ik de laagste premie’, maar ‘hoe minimaliseer ik het aantal werknemers dat meer dan twee jaar ziek wordt’ Dit plan van de minister lijkt te werken.”

Kleinere werkgevers ergeren zich aan extra verplichtingen als eigenrisicodrager
Mercer onderzocht de redenen waarom werkgevers overstappen naar het UWV, of waarom ze ervoor kiezen bij private verzekeraars te blijven. Van de kleine en middelgrote werkgevers stapte 28 procent over naar het UWV. “Hoewel het aantal overstappers naar het UWV groot is, lijkt de keuze niet vanuit een korte termijn visie te zijn gemaakt,” aldus Van Bruchem. “Financieel gezien levert het gemiddeld zo”n 263 per maand op. Voor de meeste werkgevers in ons onderzoek is dat nauwelijks de moeite.”

Gemiddelden
De belangrijkste reden om toch naar het UWV te gaan, is voor kleine en middelgrote werkgevers dat voor hen premies vastgesteld op basis van gemiddelden in de hele branche. Dat is vaak iets goedkoper. Ten tweede hebben zij vaak geen WGA-instroom gehad en hebben daarom de voordelen op het gebied van schadelastbeheersing niet zelf ervaren. Bovendien ergeren kleinere werkgevers zich aan de wettelijke verplichtingen die ze hebben bij een private verzekeraar. Ze zijn dan onder andereverantwoordelijk voor de re-integratie van de arbeidsongeschikte werknemer, zelfs als die uit dienst gaat. Dit effect lijkt afgezwakt te worden door de factor gewenning: “Als de verzekeringspremie nagenoeg gelijk blijft – wat voor 69 procent van de werkgevers dit jaar het geval was – en een terugkeer naar het publieke bestel weinig oplevert, zijn werkgevers geneigd eigenrisicodrager te blijven,” aldus Van Bruchem.

Snelle re-integratie belangrijkste reden voor eigenrisicodragerschap
Van de grote werkgevers in het onderzoek ging slechts vijf procent naar het UWV. 95 procent is eigenrisicodrager gebleven. Van die vijf procent deed twee derde dat om premietechnische redenen. Een derde om andere organisatorische redenen. De groep die bij hun private verzekeraar blijft, kiest daar veelal bewust voor. Van Bruchem: “Twintig procent wil zelf de regie voeren over re-integratie. Dat is namelijk sneller en effectiever dan de re-integratie aan het UWV overlaten, en dat betekent dus ook snel minder premie betalen. Bij die bedrijven staat re-integratie op de managementagenda en ze hebben er casemanagers voor in dienst. Nog eens achttien procent heeft een uitgebreide analyse gemaakt van de voor- en nadelen op operationeel en financieel niveau. Slechts vijftien procent blijft eigenrisicodrager uit gewoonte. De overige werkgevers willen niet voor driejaar naar het UWV, omdat ze positieve ervaringen hebben met het eigen-risicodragerschap.”

Afwachtende houding
Veel werkgevers wachtten af wat verzekeraars gaan doen met het oog op 2017, wanneer de wetgeving met betrekking tot vaste en flexibele werknemers aangepast wordt. “Wat echter opvallend is, is dat de grote werkgevers die gewisseld zijn van verzekeraar veelal gekozen hebben om op zijn minst een deel van het risico zelf te dragen,” aldus Van Bruchem. Zij zijn zó overtuigd dat voorkomen van ziekte leidt tot lagere lasten, dat zij het risico grotendeels zelf durven nemen. “Wij verwachten dat deze trend zich voort gaat zetten wanneer de wetswijziging per 1 januari 2017 doorgaat. Met name grote werkgever zien steeds meer dat risicomanagement uiteindelijk tot de laagste lasten leidt, waardoor het risico volledig verzekeren steeds minder belangrijk wordt.”

Wij maken gebruik van cookies. Gaat u akkoord met deze cookies, klik dan op 'Accepteren'. Meer informatie

Wij gebruiken verschillende soorten cookies. Deze zijn er allereerst om u de beste gebruikerservaring te geven en daarnaast om ons inzicht te geven in hoe de website gebruikt wordt. We gebruiken functionele, analytische en tracking cookies. U leest er meer over in ons cookiebeleid.

Sluiten